Had je tien miljoen, wat zou jij dan doen?

SKILLSSSS

De Euromillions, de Lotto, ’t groot lot: er is altijd veel over te doen. Zelfs Samson en Gert hebben er ooit al over gefantaseerd en gezongen: “had je tien miljoen wat zou jij dan doen, een feestje bouwen en je geld opdoen? Ik kocht liters limonade honderd kilo chocolade, om aan iedereen uit te delen.” (Allez ik zou dat niet doen, zot, maar Gert wel blijkbaar want die hééft al tien miljoen). Enfin, nu ook ons Irene schreef over veel geld winnen, was ik ook geïnspireerd.

Want ik bedoel, wie niet!

Als ik zou winnen, dan:

  • zou ik allereerst eens een goed reisje maken. Ik ga eens naar de beestjes in Afrika kijken: serieus wishlistmateriaal daar. En niet alleen naar de big five hè, ook naar de insecten enzo. Ik vind dat allemaal interessant. Ergens in Afrika, in een luxeoord met idyllisch strand, plan ik even rust en ga ik wat lezen. Zo wil ook graag op doorreis door Australië, Zuid-Amerika, Europa en Azië. De VS slaan we over want dat zegt mij (unpopular opinion wellicht) niets, ik vind dat iets raars. Voor ik andere oorden opzoek, ga ik eerst even naar huis. Want Jane zit terwijl ik op reis ben in het meest luxueuze kattenpension dat er bestaat, zo wat te zonnen in tipi’s, hangmatten en ander luxemateriaal – en ja, Jane is zo’n diva die dat fantastisch zou vinden.
  • als ik naar huis ga, dan staat dat huis ergens in het groen. Geef mij maar geen gigantisch huis waar ik in verdwaal met vier badkamers en een eigen fitness (who am I joking hè), maar gewoon een leuk huisje. Gigantische boekenkast, gezellige keuken met kruiden die je vanuit het raam kan plukken zoals ze dat in Het huis (programma op één) doen. Als ik er zo over nadenk komt dat huis bijna in de buurt van mijn droomhuis, maar die fitness is er uiteraard al te veel aan. Ik wil veel grote ramen, veel planten, twee honden en mijn kat Jane. Een grote tuin met veel bomen en fruitbomen, een boomhut, mijn eigen groentjes kweken en boerinnetje spelen. Misschien staat dat huis in België, misschien niet, maar ik wil alleszins een buitenverblijfje voor als ’t weer mij tegensteekt (van december tot maart ben ik dan weg hè).
Dit gevoel. Ik bedoel, je wordt wakker, je gooit dat raam open en de muggen vliegen je tegemoet!
  • en, iets wat ik al jaren loop te verkondigen dus het kan nu niet achterblijven: ik doe een gigantische hangar open voor asieldieren. Meerdere hangars misschien, want iedereen welkom. Hond kat geit eekhoorn koe, zelfs bijen als ze maar niet te veel steken. Ik zet ook een detectiveteam op poten dat geheel Sherlock Holmesgewijs dierenmishandelaars gaat opzoeken en die een gepaste straf geeft. Niets te gemeen hè, maar ik heb al eens gezegd dat ik vind dat we medicijnen beter kunnen testen op verkrachters dan op dieren. Bij deze, nog een groep erbij! Ik sta daar volledig achter en ik vind dat helemaal niet raar, maar ik heb al gehoord dat dat blijkbaar toch raar is.
  • als ik nog tijd overheb, dan zou ik ook graag vanuit een creatieve benadering mensen vooruit helpen. Mijn schrijfsels die de wereld blijer maken? Gimme!
  • ik zou één keer per maand fancy gaan dineren en één keer per maand uitgebreid brunchen. Als het meer dan een keer per maand is dan is het niet meer speciaal genoeg, en worden zo’n dingen mijn inziens minder lekker of zo.
  • in plaats van dikwijls de gierige pin uit te hangen, zou ik al eens meer kunnen loslaten. Nu heb ik bij alles de neiging om te denken: en is het écht nodig of kan het ook anders/later? En dat gaat letterlijk om een potje mayonaise in de supermarkt. Dus dan zou ik zoveel lekkere mayonaise (die van Natura, hmm!) kunnen kopen als ik wil! En mensen kunnen trakteren op mayonaise! Ik zou mayonaise kunnen uitdelen en over mayonaise kunnen zingen als ik dat wil! En het is zelfs niet dat ik megamegagraag mayonaise lust, maar dat zou gewoon kunnen omdat ik rijk ben! Anyway: ik zou dus al eens wat meer kunnen kopen.

Basically zou ik dus gewoon willen genieten, zo’n beetje dat la douce France gevoel, maar ook nog nuttige dingen willen doen (boooring, ik weet het). Jammer dat je ook geld moet uitgeven aan de Euromillions voor je ermee kan winnen. Kan iemand daar iets aan doen? Dank u zeer.

Kelly’s bevindingen #6: grijze haren en jongdementie

Blijkbaar ben ik één van die mensen die vroegtijdig grijs wordt. Deze week trok ik mijn tweede grijze haar uit en dat is officieel de bevestiging dat ik binnen dit en een half jaar misschien wel een grijs coupeke heb. Vertel eens gasten, zou het mij staan? Voorlopig waren het witgrijze, dat vind ik wel schoon.

Mijn eerste grijze haar trok ik uit toen ik net 24 was geworden. Ik stond in mijn spiegeltje te kijken in Gran Canaria en plots was daar een lang grijs haar dat opdoemde in mijn haardos. Nu, ruim anderhalf jaar later, was daar mijn tweede. Uiteraard is het zo dat dat mijn tweede zichtbare haar was, want ik trok een grijs babyhaar uit: je weet wel, één van die zwabberende zwierende minihaartjes die altijd in de weg zitten vooraan je hoofd. Ik zou dus ook zomaar grijze haren kunnen hebben ergens middenin mijn haardos, zo van die geniepige weggestoken haren! Ik heb mijn tweede grijze haar uitvoerig bestudeerd, heb er even met de zaklamp van mijn telefoon op geschenen, want o, een grijs haar van mìj! Als ik kon had ik het onder de microscoop gehouden. Goed, na mijn uitgebreid wetenschappelijk onderzoek van het Mooiste Witgrijze Haar, maakte ik mij een bedenking.

Misschien, wie weet, heeft mijn vroegtijdig grijs worden wel iets te maken met mijn jongdementie.

Say no more! Professor Gobelina daalt neer vanuit haar vliegende bol!

zelfportret – wat vind je van mijn lange wimpers?

Ik zal flink uit mijn laboratorium blijven, dan zullen er veel ontploffen gebeuren. Geen ontploffingen bedoel ik natuurlijk! Ja, Gobelijns zijn altijd een beetje verstrooid.

En niet alleen mijn alter ego, ook ikzelf. Ik zeg soms dat ik aan jongdementie lijd en ik weet ook wel dat dat een ziekte is die niet grappig is, maar dan mogen we nergens om lachen. En ik lach bijvoorbeeld ook gaarne met corona en met mezelf, dus ik discrimineer alvast niet.

Ik wil bedoelen dat ik vaak een gigantisch verstrooid warhoofd ben. Ik moet mijn sleutels op mijn voordeur laten zitten, anders raak ik die gegarandeerd kwijt. Ik fiets gezellig rond met een reserve fietssleutel. Als iemand jarig is, vergeet ik het cadeau mee te nemen. Ik ga boodschappen doen met als belangrijkste op de lijst: koffie, en vergeet koffie want ik ben afgeleid bij het fruit. Plannen, to do lists, agenda’s, kalenders? Daar doe ik toch niet aan mee! Ik ben al blij dat ik een boodschappenlijstje maak.

Niet alleen in mijn hoofd, maar ook in mijn omgeving ben ik een rommelig mens. Het is niet raar als er een koffietas met een verdwaald wattenstaafje op mijn bureau staat, en er een verfrommelde post-it ligt van vorige week, en een leeg staaltje parfum, of een lege stylo, en andere voorwerpen die ik al duizend en één jaar niet meer gebruik. Ja, die worden opgeruimd. Vooral die koffietas uiteraard. En sommige blijven liggen, want ik vind een beetje rommel al eens leuk. Ja ja, dat maakt van mij ongetwijfeld een creatiever mens, het zou er nog moeten aan ontbreken dat er geen voordelen aan verbonden zijn!

Ik doe vanalles tegelijk, terwijl mijn uien aanbakken moet mijn snijplank al afgewassen worden en moet ondertussen muziek opgezet worden en moet de kat eten krijgen en ik ben zo het totaal omgekeerde van de efficiënte mens. Want mijn uien branden aan. Ik kom standaard tussen de 5 en 10 minuten te laat, en je zou denken dat ik het incalculeer, maar zo werken de dingen niet.

Ik ben afgeleid door alles. Door de kleinste beweging daar ginder in de verste verte in mijn gezichtsveld. O luister nu, vogelgetjirp! Mijn hersenen registeren de gedachte “zou een mier longen hebben”, en we zijn vertrokken voor een half uur. Het antwoord is trouwens nee, want mieren ademen door een geheel eigen systeem van dunne buisjes die door hun lichaam lopen. ALLEMAAL IN DAT INSECT HE! Denk daar nog maar eens aan voor je die doodtrappelt. Ik vind dat dus gigantisch fascinerend hè. Maar misschien wel op de verkeerde momenten.

Is dat zo wat herkenbaar, dat van vanalles kwijtraken en rommel maken en afgeleid zijn door mieren? Of moet ik me toch maar wat zorgen maken om euh, mezelf?

Ironische foto olifanten(geheugen) beginscherm by Mylon Ollila on Unsplash

GRATIS (!!!) CURSUS SUCCESSFUL ADULTING

Ten tijde van mijn blogpost over de zeesticks, dobberend tussen de dolfijnen, had ik het al over hoe je een georganiseerde volwassene kan zijn. Successful adulting heet dat dan, met een spannend woord. 

Dus, dames en heren, zoals jullie al in deze bijzonder om aandacht SCHREEUWENDE titel konden lezen, geef ik jullie gratis en voor niets een cursus successful adulting! Ik leer je hoe je zo’n volwassene wordt die het allemaal voor elkaar heeft! Netjes en pretjes! Die weet hoe dingen moeten en er stáát, geen getwijfel en gedraai. Ik leer het jullie met praktische voorbeelden, uit het leven gegrepen zeg maar. 

Want ik dacht zo ineens: ik ben toch de uitgelezen persoon om deze cursus te gaan leiden? Ik, als ultiem niét leidinggevend figuur? De volgeling? Als kinderlijke volwassene, een meter een half groot?

Natuurlijk! Vanzelfsprekend! Ik ben ervaringsdeskundige! 25 jaar! Expertise, diepgewortelde kennis! Alstublieft, wat een cv. Wie kan dat zeggen. Bovendien komt die meter een half van mij zeer goed uit in deze bijzondere tijden, want jullie moeten maar aan jullie groepsleider denken om te zien hoeveel afstand je moet houden. Ongeveer één Kelly afstand van elkaar, en corona wordt bestreden. Het kan als het ware niet makkelijker.

Ik zal al beginnen met een tipje van de sluier te lichten. Want eigenlijk is er maar één grote regel. Een hele simpele. Een kind kan het. Misschien de kakapo niet: die vogel wandelt immers doodleuk naar de vijand toe. En ik zeg wandelen, want het snolletje kan niet vliegen. En dat vergeet hij regelmatig, helaas. 

Maar jij bent geen kakapo. Jij bent een mens. En als mens kan jij dingen onthouden, zoals dat je gewoon, heel eenvoudig:

moet doen alsof.

Jawel! Dat is de regel!

Oh my god! Kelly, serieus! 

Ja, ik heb toch nooit beweerd dat ik nieuwe wiskunde ging uitvinden met mijn gratis cursus. Rustig. 
Maar ik zal je vertellen dat doen alsof de allerbeste regel ooit is, want uiteraard is niemand echt een georganiseerde volwassene. Eigenlijk, stiekem, schuilt er een kakapo in ieder van ons. We doen alleen alsof dat niet zo is.

En dat mag. Dat is toegestaan. 

Ik illustreer, met voorbeelden uit het alledaagse leven.

  • Het Yoghurtprobleem

Stel. Je zit in de trein en je hebt het voor elkaar gekregen om yoghurt met fruit en zaden en pitten en noten en weet ik veel wat mee te nemen, in een Tupperwarepotje nog wel, want je bent de trotse bezitter van Tupperware. Je wil aan je ontbijt starten, maar je komt tot de constatatie dat je je lepel vergeten bent. Wat doe je?

Je vist een vergeten vork op uit je handtas! Uiteraard! Simpel, de vork van gisteren die eigenlijk al in de vaat had moeten zitten! Tegenover je mede treinreizigers doe je alsof yoghurt eten met een vork het nieuwe normaal is, want ja, zo pik je die bananen toch makkelijker op. Duh.

  • Het Broodroosterprobleem

Stel. Je vindt een recept waarbij je zoete aardappelen kan roosteren in de broodrooster. Dat klinkt lekker makkelijk: geen werk voor jou, want dat doet de broodrooster. Helaas blijkt dat die aardappel niet zo vlotjes naar boven wipt zoals brood doet, maar vast zit. Wat doe je?

Je vindt jezelf een zeer, zéér respectabele volwassene omdat je de broodrooster uit het stopcontact haalt alvorens je je geduld COMPLEET verliest en met een mes die zoete aardappel er er wel eens NU DIRECT zal uithalen want wie denkt die lelijke aardappel GODVERDOMME WEL NIET DAT HIJ IS HE? Je steekt daarna de broodrooster in de kast en doet alsof het incident nooit heeft plaatsgevonden. Jij bent immers de succesvolle volwassene die zoete aardappelen kan roosteren, met twee vingers in de neus. Makkelijk toch, je steekt ze gewoon in de broodrooster!

En als algemene tip, voor als je het echt niet weet: voeg pecannoten toe. Want pecannoten zijn verheven boven de andere noten. Walnoot? Saai. Pindanoot? Allergie. Amandelnoot? Weinig smaak. Hazelnoot? Goed voor de choco. Muzieknoot? Niet te eten. Pecannoot? Subtiel geroosterde smaak! Héérlijk! Dus altijd in termen van de pecannoot denken.

Dat was het voor deze cursus! Als er nog elementen zijn uit het alledaagse leven die ik bedenk, dat komt er misschien nog een deel. Als het publiek dat wenst. En als mijn chaotisch hoofd eraan denkt, want onthou: er zit een kakapo in elk van ons, en zeker in mij. Want als er één iemand is die regelmatig dingen vergeet, dan ben ik het wel.

Dus tot binnenkort, voor een nieuwe curus hoe-word-je-goed-in-doen-alsof! Of niet!

04 april: tuintjes en bekroningen

De tweede quarantainemaand, die van collectief aperitieven in de zon. Want jawel, ik was helemaal in mijn nopjes, in mijn allerbeste nopjes zelfs, met het weer deze maand. Het was een soort tuinvakantie, maar wel met werken. Of zo. Want ja, alles is “of zo”.

Ter gelegenheid van dat goede weer werden de lente- en zomeroutfits uit de kast gehaald. Jane vindt het een onuitstaanbare gedachte dat er een foto wordt gemaakt waar zij niet opstaat – stel je voor dat ze de wereld eens niét zou kunnen plezieren met haar volmaaktheid – dus is ze er altijd bij.

Bij mijn appartement hoort een tuintje, hoewel ik op de zolderverdieping woon. Ja, dat klinkt dus zo raar als het is. Past dus perfect bij mij! Dat stond op mijn eisenlijstje als huurder: het moet bizar zijn, want dan voel ik me thuis. Ik moet dus altijd een ommetje maken als ik in dat tuintje wil gaan zitten maar goed, het ìs er en het onkruid groeit welig. Ik maak mezelf met plezier wijs dat dat is voor de bijtjes en de insecten want die moeten ook bestuiven, zie je. Pas als het onkruid overdrijft, gaat het uit. Hoezo uitstelgedrag, ikke? Hoe dan ook zit ik veel liever in de tuin van ons moeder, want die is groot, mooi, en er zitten ijsjes in de diepvries.

In diezelfde tuin deed ik nog eens van je aquarel en waar ik normaal niet de realist uithang, vond ik dat ineens wel nodig en schilderde ik de tuin. Ik kroon mezelf bij deze tot koningin van de mindfulness want ik heb werkelijk waar een uur lang grassprietjes geschilderd en vond dat fantastisch. Zonder een spriet ironie vertel ik dit. Ik vraag mij nu al af welke kroon een mindfulnesskoningin draagt. Zo één met magrietjes? Zonnebloemen? Gras?

Op tv keek ik La casa de papel uit (hartjes) en waar iedereen natuurlijk tranen met tuiten huilde in aflevering 6, vond ik dat pas nodig in de laatste aflevering. Allez, die tuiten vallen wel mee, maar deze scène. Amai. Duizend stukken en dan nog eens in veel meer elke keer dat ik ze herbekeek. Hoeveel kunnen ogen zeggen? Welja, duizend en veel meer dingen. Oscarwaardig. En als ik nog één keer Money Heist lees of een gedubde versie hoor, dan ga ik met dingen smijten.
Ik keek ook de mol en ik wou dat Bart de mol was, want ik vind dat een heerlijke mens. Ik dacht: ja op papier zal het wel Alina zijn maar in mijn hartje is het Bart. Dus het is nog steeds Bart. Wanneer komt er eens een in your face mol? Altijd die subtiliteit, ik wou eens iets anders. Verder wel een prachtig seizoen, genoten van elk beeld. Aan de productie: huur mij in! Ik zou coole opdrachten bedenken.

Het was ook de perfecte temperatuur om te gaan lopen en dat deed ik heel graag – ultieme vrijheid en in het bos kom ik weinig mensen tegen. Verder doe ik niet aan afstand meten en van die loopapps – daarmee kroon ik mezelf (nogmaals een kroon, maar jongens!) tot één van die LEUKE mensen die niet telkens op social media moeten zetten dat ze zijn gaan lopen en hoe ver en hoe lang en wat nog allemaal wat er is geen halve MIER die dat interessant vindt! En mieren vinden véél dingen interessant!

Daarnaast kwam mijn nieuw zomerkleedje toe. Ik denk dat ik die ontwerpers van Missguided Petite in mijn hoofd zitten, want ik vind alles mooi van hen. Ik maakte er een awkward selfie mee (o help verban mij), en ik schrok want voor een keer lijk ik 25, maar daarna keek ik in de spiegel en zag ik toch weer maar 1 meter 53 aan meisje en babyface. Het was dus het licht. Het blijkt ook dat ik dringend naar de kapper moet met dat vogelnest van mij. Als eten valt er voor deze maand te vermelden dat mijn gepofte zoete aardappel op een hartje leek. Ouh! Ik kon niet wachten om erin te snijden.

De laatste dagen luister ik graag naar Florence en haar fijngevoelige Machine:

Wanneer wordt het weer terug zonnig en zomers, Frank? Want deze 1 mei was triestig hè jongen? En lezers, jullie zomerige april, hoe was die? 😀

Monsterboskat Jane is jarig!

Jawel jawel, mijn kleine tjol is jarig vandaag. Dus we doen allen van je: haaaaappy birthday to Jane, happy birthday to Jane, happy birthday to Ja-ane, happy birthday to Jane!
Hip hip hip HOERAAA!

Ja, ze wordt dus één. Een vol jaar. Ze ergert mij nog geen vol jaar, maar ze ergert de wereld toch wel al zo lang met haar divamanieren. Ongelooflijk! Die kleine kitten, dat ratje, is een volwassen kat geworden. Wie had dat ooit gedacht – serieus: we dachten eerst zelfs niet dat ze het ging overleven. Ze dacht waarschijnlijk: weet je wat, laat ik gewoon de kleinste kitten van de hoop blijven en lekker bibberen en trillen, dan krijg ik extra veel aandacht en KIP!!! En tja nu, nu dartelt en springt ze, vermoordt ze vliegen (not approved by me!!) en ergert ze me gemiddeld 10 van mijn 16 wakkere uren. Ik ben volop aan het opvoeden: neen Jane, niet doen. Maar vooral: GODMILJAAR JANE WAT HEB IK GEZEGD BLIJF DAAR AF. Dus. Geduld. Dat heb ik niet. Maar ik zie ze ook echt wel heel, heel erg graag. Meestal.

Ik heb een kroontje gemaakt maar dat vond ze niet zo cool (amai, ik zal nog eens iets knutselen en ik hààt knutselen) maar ze vond de tonijn deze ochtend wel lekker (geduld, heeft zij ook niet), en straks krijgt ze uiteraard nog kip. Op dit moment ligt ze te spinnen naast mij en awel ja, daar word ik blij van.

Hierbij graag nog Jane van +- 10 weken vs Jane nu. Ik vind ze even schattig.

Ik dein gezellig mee met quarantaine

Ja hoor, na 6 weken vind ik quarantaine nog allemaal prima. Quarantaine heeft voor mij zelfs een positieve connotatie: later, als ik oud ben, zal ik het rijmen met tuinlezen, rosékes in de zon, lopen in het bos, de straat die rustig is, langzaam wakker worden met mijn koffie en een speculoosje. En oh, tussendoor wordt er gewerkt. Ik zou precies wel eens op reis en naar zee willen en ik vind het jammer dat Queen en Adam Lambert uitgesteld is, maar afgezien van dat ben ik nog helemaal ontspannen. Ik ben relaxed in deze chaos.

Het spijt me voor al wie dat niet vindt, en ik heb dan ook het gevoel dat ik me opgefokter moet gedragen. Ik lach vriendelijk naar iemand die ik passeer op straat en denk: ahja, had ik mijn adem nu moeten inhouden want het schijnt dat andere mensen dat doen? Ik word wakker en denk: had ik nu een vreemde of misschien, oh help, erótische droom van Marc Van Ranst moeten hebben?

Pas op, ik heb wel nog wat empathie in dat binnenste van mij: ik zit in het bijzonder in met voor wie thuis niet relax is maar wel chaos en een eigen, unieke oorlog is. Maar eerlijk: voor mij mag dit nog efkes duren.

Wat ik me dan ook afvraag: moet die economie straks écht al op volle toeren draaien? Bam bam bam, money money money? Of ben ik meteen een zweverige hippie als ik dat denk en ben ik gedoemd tot rondlopen in witte gewaden en moet ik op zelfgemaakte nomadenschoenen van rotan de wereld doorkruisen en in boomhutten wonen? (Klinkt nog niet zo bijzonder slecht! Ik zal een community maken met een fashionable wit gewaad en met elke week een levering van boeken, een brunchbox en frieten. Of is dat ook economie? Shit.)

Ik heb weinig zin in die grote opstart, want velen beweren wel dat ze “lessen zullen trekken uit de coronacrisis en trager zullen leven” maar dat is absolute grote bullshit. Niks lessen, want laat ik weer even de waarzegster met mijn tarotkaarten en weet ik wat nog allemaal gaan uithangen: één maand na de coronacrisis en we nemen alles weer vanzelfsprekend. Oh godzieho nu heb ik weer wat gezegd, negatieveling die ik ben. Ik ben echter niet die enige die dat denkt want hier en daar beweert een psychiater (de grote meneer Dirk De Wachter bijvoorbeeld) dat ook. We zullen misschien hygiënischer zijn: zo vond Marc (dé Marc) het niet zo’n goed idee om zomaar iedereen een hand te geven. Ja, wie ben ík om daar niet mee akkoord te gaan! Mijn ik die handen geven aan onbekenden en nieuwjaarskussen met een ongelooflijke hartstocht haat, knetterde haast uit extase en heeft in jaren niet zo goed geslapen.

Wie het ook allemaal niet zo’n goed idee vindt, dat die economie weer holderdebolder opgestart moet worden, is acteur/regisseur/… Peter De Graef. Dat vertelt hij in zijn typische stijl in dit videointerview met Canvas. Ik volg hem graag. Misschien iets nuchterder, maar toch: “… zijn we op zich niet zo ongelukkig”.

Enfin. Vooralsnog probeer ik nog te genieten van traag, van thuis, van cocon en van rust.