Regenlaarzen

Zoals beloofd publiceer ik hier naar aanleiding van mijn schrijfcursus TONNEN fictie. Enfin, het bestond toch al, dus waarom niet. Ik kan ellenlang doorzagen over hoe mottig ik dit verhaal inmiddels alweer vind omdat ik het al 85 keer gelezen heb, maar ga jullie gang ermee: lees het, erger je, en stik erin. Nee, niet waar. Maar volgende week is het beter – dat zeg ik nu nog, straks ga ik het 85 keer herlezen.
Ter info: de opdracht was “schrijf over één van je buren” maar mijn buren leiden geen spectaculair leven (ikke wel anders) dus ik heb er één verzonnen. Alles kan in fictieland! En in Kellyland. En nu mag je lezen.


Ik had de regenlaarzen van de kleinkinderen ontweken, wist exact waar ze ze hadden uitgedaan die laatste zaterdag. In de ochtendschemer nu leken ze ongepast, waren hun schaduwen in de veranda te groot voor hun kindervoetjes. Ik stak mijn linkerhand in Arthurs schoen, mijn rechter in die van Lotte en kriebelde met mijn vingers alsof het hun tenen zouden zijn. Ze voelden koud in de laarzen, net als die zaterdagochtend toen we ze aandeden om de tuin om te woelen en om naar de bakker te gaan in onze laarzen omdat dat kon, en omdat de laarzen wij waren. Oma en die laarzen, daarom wilden ze zelf ook zo graag regenlaarzen en dan liever geen blauwe of roze of die van Bob de Bouwer, maar kakigroene zoals de mijne. Opa had pantoffels en hun ouders deden aan sportschoenen, maar wij hadden laarzen. Wij hadden de tuin. Ik hield hun kleine laarsjes stevig om mijn handen en liep naar buiten. 

Ik rilde nog, ondanks mijn regenjas boven mijn pyjama. Ik liep naar achteren. De zon kwam voorzichtig op en toonde onze tuin zoals ze was en zou worden die dag. Het was een stille nazomer. Ik moest het dierenhotel nog bouwen en gras afrijden tot op vijf centimeter, en ik hief mijn arm op om op mijn nagels te bijten. Lottes schoen botste tegen mijn lippen, en toen leunde ik tegen de gesnoeide kerselaar omdat ik het gevoel had niet veel anders te kunnen doen dan leunen.
 Vorige week zaterdag om kwart voor elf ’s avonds waren ze vertrokken. In hun pyjama, Lotte met een chocomelk in haar ene hand en haar moeder aan haar andere. Boodschappentassen vol kleren waren al ingeladen in de auto, er stond een haastige koffer achteraan, er waren kinderlepels verdwenen uit mijn schuif. Arthurs gordel werd aangedaan. Er zat al een slapertje in zijn ooghoek, die had ik willen wegwrijven. Lotte fronste aan de andere kant. Ze huilden niet, het was stil. Zo’n dingen horen dramatischer te zijn. Johan zat aan het stuur en had de auto al laten draaien, zodat het duidelijk was: wij gaan weg, ik zit hier niet zomaar demonstratief te zitten. Marijke gaf Arthur ook nog een chocomelk en ik wou nog zeggen dat dat misschien niet zo’n goed idee was in de auto, en toen de auto in achteruit werd gezet wou ik daarachter gaan staan zodat de parkeersensoren hen wild zouden laten weten dat er iets grondig fout was, maar ik zweeg. Ik bleef aan de verandadeur staan. Marijke stapte ook in. Niemand keek iemand aan. Toen ze de straat waren ingedraaid zei Chris: ‘morgen staan ze hier terug. Ik ken mijn zoon.’
Ik heb mij omgedraaid en begon handdoeken op te plooien. Ik wist dat dat niet waar was. Geen enkel deel van zijn zin. 

De kerselaar bewoog toen ik weer ging rechtstaan en ik wist dat ik weer naar binnen moest. Ik wou aan het ontbijt beginnen, voor zes personen, want wie weet kwamen ze vandaag toch. Op maandag, daar zijn maandagen voor. Chris zou bijna wakker zijn: maximum zeven uur geeft zijn slaappil hem. Ik wou koffie zetten, sinaasappelen persen en de melk exact één minuut in de microgolf zetten. Die zaterdagavond aten we appelmoes en ik had tot dan niet opgemerkt dat mijn bestek geluid maakt in mijn bord. Het was die stilte denk ik, dat zwijgen waarin ik had moeten ingrijpen. Ik had het zo vaak opnieuw afgespeeld in mijn hoofd.
Ik ging terug richting de veranda en stopte bij de kippen. Arthurs bouwvakkershelm lag er nog. Felgeel, achtergelaten achter het kippenhok om op zondag zijn spel gewoon weer verder te kunnen zetten. Brandweer van de kippen.
Ik leunde opnieuw, ging zitten op de balk naast de drinkbak van de kippen. Ze kwamen langs en draaiden rond mij als katten, pikten in mijn jaszak en op de laarzen rond mijn handen. Het was niet de bedoeling dat ze lawaai zouden maken. Het was ook niet de bedoeling dat ik zou huilen, en dat Chris zou buitenkomen omdat de kippen wel gigantisch veel honger leken te hebben. 

Chris gaf de kippen eten en ging zitten op de balk naast mij. Hij stak een sigaret op en dat vond ik mooi, in het ochtendlicht. Ik vond hem ook mooi zo. ‘Hun laarzen liggen hier nog’, zei ik. ‘Ze kunnen niet zonder hun regenlaarzen.’ Hij stopte met roken en ritste mijn regenjas dicht tot helemaal bovenaan, tot mijn kin er volledig in verdoken zat. Ik zat verdoken in regen. Chris knikte onhoudbaar. 

AAN AL WIE MIJN BLOG LEEST, IK HEB GROOT NIEUWS!!!

Maar dus echt, ik meen het, nieuws van het grote kaliber. Als mijn nieuws een vis zou zijn die je kon vangen dan was het zo’n grote met lange tanden met een lampje bovenaan zijn hoofd. (Kwestie van allemaal wat beeldender te maken, ik zou nooit een vis vangen. Dat is voor mannen op bepaalde apps beginnend met een T, daar is al een niche voor).

Wie mij volgt op de socials zag misschien al dat ik mijn verjaardag vierde en dat ik dat deed met lekker eten, heel lekker eten. Ik werd 26! Oud, ’t zal wel zijn, 10 jaar geleden dacht ik dat ik er onderhand wel volwassen zou uitzien en getrouwd zou zijn. Nu, ik ben niet getrouwd, dat weten wij allemaal, en wie nu dacht dat het grote nieuws was dat ik mijn verjaardag vierde: fout en wie dan denkt dat ik ga trouwen: meer dan fout. Het heeft wel met trouwen te maken. HUH?

Ben ik wat drama aan het creëren? Zijn jullie al benieuwd?? Hoezo het is met trouwen en Kelly gaat niet zelf trouwen? Gaat ze huwelijken verpesten?

Organiseren? (nee toch, ik organiseer mijn eigen leven nog niet)

… Ik ga spreken op huwelijken! Op ceremonies! Op elk sleutelmoment in je leven waarvan je denkt: hierbij organiseer ik graag een ceremonie en ik wil dat Kelly komt spreken. Dus ook als je iets, iemand wil herdenken. Bij een afscheid, bij verdriet.

Ik word ceremoniespreker! Enfin, binnenkort. In bijberoep. Met heel veel plezier. Het is nog met opleiding nu, maar ik wou het jullie al graag meegeven.

Het gaat bij ceremoniespreken niet enkel om het vertellen maar voor een groot stuk ook om luisteren en om schrijven. Ik vind het zo interessant dat mensen een persoonlijk verhaal te vertellen hebben, in welke context dat ook mag zijn. Als je daar dan woorden aan kan geven, als door de juiste woorden een verhaal tot leven kan komen en mensen zich daarin kunnen herkennen – dan zal ik dat, denk ik, heel fijn vinden. Ik vind het natuurlijk ook gewoon leuk omdat het met schrijven is en we all know dat dat is wat ik het liefste doe, en ik kan niet beloven dat ik geen woordgrapjes verstop in huwelijksceremonies.

In 2021, wanneer corona vertrokken is (dat denken we nog allemaal heel vrolijk!) en Kelly in de plaats komt aanwaaien, dan kunnen jullie met z’n allen vrolijk trouwen. Met mij erbij. Ik doorkruis het hele land en verder voor jullie. Ik zou aanraden om zelf nog even te wachten met overlijden, maar elke andere ceremonie vertel ik met plezier. Ik laat weten wanneer jullie mij wildenthousiast kunnen boeken!

DAARNAAST! IS HET NOG NIET GEDAAN! Het nieuws blijft komen, hou jullie vast. Nee, het is niet echt nieuws maar een mededeling voor al wie nog wakker is. Wie een ravisant geheugen heeft, weet misschien nog dat ik ooit gezegd heb dat ik een schrijfcursus ging volgen. Wel, die is nu bezig. Ik schrijf keiveel fictie en ik vind het natuurlijk fantastisch. Nu staan die kortverhalen op mijn laptop te schimmelen tussen screenshots van mijn kat en van het bovenstaande coronavirus. Daar is een mens misschien niet veel mee, dus ik dacht: ik post die op nosmalltalk voor de 5,5 geïnteresseerden!
En, belangrijker, het zullen vier verhalen zijn en na publicatie van ze allemaal kunnen jullie stemmen welk verhaal jullie het interessants vinden om verder uit te werken en dan zal ik dat ook gewoon doen. (Ik weet niet hoe ik dat stemmen ga doen maar then again ik ben niet echt van het nadenken).

Zeer veel groetjes van jullie allerbeminde Kelly
(dit is onnodig officieel)

Everything is possible, behalve life quotes

Ik had eens een idee! Ik weet nog dat ik deze blog startte en zei dat dat onder andere was in het kader van “follow your dreams en meer van die zweverige quotes die mensen boven hun bed hangen”. Ik hou dus niet van life quotes. Je moet niet live laugh love boven je bed hangen, dat is een regel, eigenlijk net zoals je ook niet zo’n sticker hangt dat Jules meerijdt in de auto. Een andere regel is: ik judge graag, en dan mogen jullie mij ook judgen. De laatste regel is dat ik altijd voorrang heb als je zo’n sticker hebt dat je kind meerijdt (ik heb daar ook niet voor gekozen, dat is artikel 13.5 in het wetboek).

Het idee is dat ik life quotes and inspirational sayings ga ontkrachten. Ze slaan nergens op! Ze geven je een tijdelijk goed gevoel: oké, daar moet ik naar leven en dan komt alles goed. Het is alleen onhaalbaar, abstract en cliché, en dat wil niemand in zijn leven. Namasté. (En wat betekent dat nu echt hè?).

Ik schakelde good old Pinterest in voor wat “life quotes”. Ik vraag, ik draai. Zoiets. Of zo.

“Everything happens for a reason”

Ik word hier een beetje triest van. Natuurlijk gebeurt niet alles voor een reden, dat zou betekenen dat oneerlijke, onrechtvaardige dingen ook met een reden gebeuren. Ik kan je verzekeren dat het niet rechtvaardig is dat mijn plant doodging en dat die niet dacht: “alles gebeurt met een reden gasten, ik ga efkes dood om Kelly een les te leren!” Los van het feit dat ik wél in toeval geloof, vind ik dit één van de idiootste life quotes. Zeg ze nooit meer. Verban wie ze wel zegt naar de brandstapel.

“Life is a gift. Wake up everyday and realize that”

Het leven suckt soms en dan vooral ‘s morgens als je wekker gaat, het nog donker is buiten en je adem ruikt naar dode mollen. Het is perfect verstaanbaar dat je het leven dan niet apprecieert. Of die hele dag niet, of langer. Als je denkt dat elke dag eruitziet als een dode mol, dan lijkt me dat minder aangenaam. Dat kan ook persoonlijk zijn, ik heb het gewoon meer voor levende mollen. Ieder zijn ding, zie je! (behalve autostickers!!!).

Everything is possible when you believe in yourself”

Ik geloof dat ik de lotto kan winnen. Geloven dat ik daarin doe jongens, echt, naast het Christendom en het Boeddhisme en de Islam en nog wat dingen is er ook “Kelly wint de Lotto” maar tot op heden is het nog niet gebeurd. Ik denk dat dat niet aan mij ligt, maar aan die quote. Ben ik verkeerd? Kan ik alsnog de Lotto winnen door heel hard in mezelf te geloven? Vertel het mij!

“If you can’t be kind, be quiet”

Als mensen middenvaksrijden, start dan gerust een portie verkeersagressie. Knipper met die lichten! Haal demonstratief in en ga naar het rechtervak terwijl je veel gebaren maakt in je achteruitkijkspiegel!
Als je onrechtvaardig behandeld wordt, dan hoef je niet stil te zijn. Belazerd worden door middenvakersrijders hoort daarbij. Veel andere dingen ook.

Also: ik vind elke quote in de derde persoon vervelend. Altijd she. “She turned her dreams into plans”, dat genre. She she she, who is she? HA?

Enfin, hebben jullie van die naar de hel ermee quotes? Dat moet haast wel!

09 september: tanken voor gevorderden en verdrinken in melancholie

Ik mag weer een broek aandoen! Dat is eigenlijk zeer triestig. Voor wie in vraagtekens denkt: om de herfst te ontkennen had ik besloten om de hele maand september nog geen broeken aan te doen – en dus wel mijn rokken en kleedjes, want ze zijn heel mooi.

Goed! September is standaard de maand van de melancholie. Is het al om acht uur donker? Maar huuuh waar is de tijd dat het pas om tien uur begon te schemeren en waarom word ik niet wakker van zonlicht? Ik loop niet constant op blote voeten? Ik ben er stilaan wel over, ik heb al eens een kaars aangestoken.

We hadden in september alleszins wel een praaaachtige nazomer, waar ik van profiteerde door elke mogelijke minuut buiten door te brengen. Ik ging twee keer naar zee om daar in mijn bikini te gaan liggen en ging nog in het water, want dat moet eigenlijk aan zee, maar het water was zo koud en dat begrijp ik niet want het is toch september, het heeft de hele zomer de kans gehad om op te warmen tot een temperatuur van makkelijk dertig graden? Helaas, om een kind te citeren dat naast ons uit het water kwam: ‘mijn ballen gaan eraf vallen van de kou’. Daarna liep zijn zus in de zee alsof er niets aan de hand was en ging hij mee. En toen ging ik ook onder water want ja, ik ben nogal competitief ingesteld. Ook met onbekende kinderen, uiteraard. ALLES IS EEN COMPETITIE.

Ik deed ook nog van je zomerbar aan het water en van je restaurantje waar er buiten moest gezeten worden met koude benen. ‘Er is ook plaats binnen!’ Geen sprake van! Het is september!
Ik maakte kuilen in het gras met mijn hakken en stapte daardoor als een emoe, maar ik maakte wel een foto van een grote vogel aan het water. Ik ben er nog niet aan uit welke vogel net, maar ik ontdekte prompt dat ik later als ik oud ben vogelaarster word en door verrekijkers vogelgedrag zal bestuderen. Ik moet alleen nog oud worden, ik ben er af en toe van overtuigd dat ik een tragische dood zal sterven. Dat terzijde.

Zijn er verder lezers die zich afvragen hoe het met die monsterkat van mij is? Nee? Ik ga er toch iets van zeggen. Ze is nog steeds even leuk! Kijk, aandoenlijk toch. Ze ziet er zeer approachable uit, net ik.

Dat is trouwens geen leugen want er kwam hier een wasmachine toe van Coolblue en een week later kreeg ik een kaartje in de brievenbus.

Ik voelde al mij verheven boven al het onvriendelijk menselijk ongedierte, maar blijkt dat Coolblue nogal vaak kaartjes verstuurt. Kaartje nog steeds leuk, ik iets minder speciaal. Nu, ik heb op deze blog altijd al verkondigd dat ik niet speciaal ben en jij nog minder. Geen verrassingen eigenlijk.

Ik zei hier ook ooit al dat een vriendin meedoet aan Miss België dus ik ging bij de provinciale verkiezingen supporteren voor haar. Ik tjolde naar De Panne maar was thuis vergeten tanken en dat ontdekte ik zo halverwege met minder dan een kwartje tank – dat heb je dan altijd voor met mij. Op tijd vertrekken als unicum in mijn leven, vergeten tanken. Oké, dan maar duur tanken langs de autosnelweg, kies ik in alle haast de verkeerde kant van de pomp – je weet wel, mijn dieseltank zit rechts en de pomp stond links van mij. Ik zweer het: dat is mij nog nooit overkomen. Ik voelde mij heel stom en ik had mijn zonnebril op mijn kop terwijl het regende, had hoge hakken aan met een kleedje, dus ik leek een levend stereotype. Anyway ik verzette de auto (al dan niet met mijn voet onnodig hard op de gas, I loooove theatraal gedoe) en wil tanken, maar er komt niets uit die pomp. Ik kijk kwaad (en ik kan dat goed, kwaad kijken) naar de cijfertjes die moeten verspringen maar nope, geen reactie. Ik geef mijn bankkaart nog eens in, controleer het pompnummer, allemaal oké. NIETS. Pomp leeg, denk ik, bende amateurs, dus ik rijd (al dan niet met piepende banden) naar de volgende pomp. Bankkaart opnieuw in, ander pompnummer. NOG EENS NIETS. Ik wil naar die winkel lopen om mijn beklag te doen maar dat lelijk mondmasker moet nog aan dus ik haal dat uit die auto (al dan niet met hard dichtslaande deuren!) en DE DEUREN VAN DE WINKEL GAAN NIET OPEN. Andere mensen willen ook binnen maar de schuifdeur blijft dicht, muurvast. Ik kan zo’n dingen niet begrijpen – Coolblue bewijst dat ik een lieve ben maar er zijn grenzen hè – dus ik tik tik tik boos weg op mijn hoge hakken en rijd in goede hoop verder, met hopelijk een stop in een ander tankstation. Die vond ik, trouwens, maar het was XL Diesel dus in plaats van geen cijfertjes zag ik nu te veel cijfertjes op de tank. Dat was het verhaal van de tankstations, nu over naar Miss België: mijn vriendin deed het keigoed! She owned it, deed mij de spelfouten ontzien die het bestuur maakte maar ze ging niet door. Dat vind ik natuurlijk absolute onkunde, mijn mond viel daarvan open. Shock shock shock maar het zij zo.

Dan heb ik ook te melden dat ik nieuwe posters bestelde om boven mijn bed te showen zodat ik de illusie kan creëren in een museum te leven of kunstkenner te zijn (ik weet echt niet waarover ik het heb) en dat ik wat lijntekeningen maakte.

En dan moest ik even denken aan het nummer van de maand maar omdat ik nogal melancholisch was (naar wat dan toch hè? DE ZOMER) kies ik voor Aan de oevers van de tijd van Spinvis. Dat nummer ademt nogal wat melancholie. Ga liggen en geniet, zou ik zeggen.

Hoe was jullie september? Klaar voor oktober alias de maand waar ik jarig ben????

Als ik een politieke partij zou oprichten: deel twee

Er schijnt iets aan de hand te zijn met onze Belgische politiek. Ik weet verder niet wat, behalve dat Antonio Vivaldi er iets mee te maken heeft. Niet waar, zeg je? Geen componisten in het spel? Ja, ik zei toch al dat ik er niets van weet.

Bij de recentste nationale veiligheidsraad leek het al helemaal nergens op. “Ja, weet u beste Belgen, er is een virus, wilt u dus even opletten en flink de handjes wassen. Verder weten wij het ook niet meer hè zeg”.
Met al die Tom Van Griekenlikkers in België lijkt mij dat enigszins verontrustend. Anyway, ik doe niet aan politiek correct en ook niet aan politiek, maar wel fictief.

Goed! Punt nummer één!

Ik weet het niet maar het lijkt alsof we allemaal een beetje schrik hebben voor de donkere dagen en TOEDOEM cooorooooonaaa? (je moet je voorstellen dat ik het fluister in een horrorstem).
Als ik het land zou regeren (wie heeft het eigenlijk nog over een politieke partij hè) dan zou ik elke avond via luidsprekers dramatische meezingers laten afspelen. Die luidsprekers zijn nog te installeren, maar ik kan me voorstellen dat de Belg daar graag zijn belastinggeld aan geeft. Want we geven allen graag ons geld aan IT’S ALL COMING BACK TO ME NOOOW toch? Niets dat Céline Dion niet kan, alle Belgen verenigd! Je hart uitschreeuwen met een dramatisch nummer en dan de wetenschap dat iedereen dat nummer hoort op hetzelfde moment: next level tous ensemble. En je mag schreeuwen op straat, in je huiskamer, overal! Elke avond kan je trouwens stemmen, via the socials en oude mensen mogen ook meedoen via ’t nieuws (gratis) zodat pakt Jacques Brel ook eens mag meedoen (ik zou stemmen!!!). En stel je voor, j’aime j’aime la vieee!

Canadian Yes GIF by Kyle - Find & Share on GIPHY

Punt twee: weet iemand waarom wij geen gratis frieten krijgen op 21 juli? Ik ook niet eigenlijk.

Punt drie: dat er nog aan broodfok wordt gedaan, dat kan mijn hoofd niet begrijpen. Ik pak die fuckers allemaal op en ik steek ze in de gevangenis en ik zeg tegen de cipiers dat er geen sympathie wordt opgebracht voor hen. Ja maar, ik ken dat. Broodfok valt in de zware categorie, want 0 empathie.

Punt vier: er worden geen bossen meer gekapt voor woningen of andere menselijke doeleinden. Ik begrijp niet hoe moeilijk dat kan zijn? Je plant een boom in plaats van er één te kappen. (Los van de biodiversiteit enzo, ik ben geen achterlijke. Behalve soms).

Punt vijf: ik schreef deze zomer dat autokeuringen veel te duur zijn. Dat klopt, dat is nog steeds een regelrechte schande. 50 euro om je auto door elkaar te laten schudden? 300 euro belastingen om op attractiewegen te rijden en in de file te staan? Ik begrijp het ook niet.

Punt zes: er worden te weinig gedichten gelezen. Mijn partij organiseert acties waarbij Remco Campert ’s nachts op de straten verschijnt. Niet Remco zelf, die mens moet rusten, maar zijn poëzie. Geen mens die daar ongelukkig van wordt.

Aanvulling punt 1: jullie nummersuggesties zijn trouwens al toegestaan, niettegestaande dat j’aime la vie één van de beste nummers ooit is. Ik stel ook al voor dat we kinderen en jonge tieners uitsluiten, want de kinderen van mijn buren luisteren graag naar rare Nederlandse rap en ik niet.

Het is absoluut onmogelijk dat het zomer is geweest

Ik schrijf dit aan de vooravond van een nazomer van jewelste. De volle 30 graden, dertig hè gasten. Ik heb er nog een restje van een verlof voor ingezet, want ja, een mens moet dat op doen en dat kan je beter doen bij 30 graden dan op een random novemberdag. Enfin, je bent een zomermens of je bent het niet. Alleen vind ik ondanks de huidige NAzomer dus dat het dit jaar helemaal geen zomer is geweest. Dat is wetenschappelijk onmogelijk, want het is mei.

Ik kan er nog mee akkoord gaan dat mijn brein denkt dat het mei is maar dat het een beetje achterloopt en dat het eigenlijk toch al begin juni is. Ik kom wel eens een kwartiertje te laat. Kan gebeuren! Ik heb me per abuis vergist van maand, het is juni! 3 juni. MAAR HET IS TOCH NOG NIET HALF SEPTEMBER. ZOT. Zotter dan zot zijn jullie allemaal. De meteorologie, de vogels, de bomen die verwilderd zijn en het aandurven een oranje blad te krijgen: dommeriken. Het is begin juni, broed eens een ei. Heb nestdrang. Verzamel insecten. Sta in bloei goddorie! En zon, sta eens wat hoger aan de hemel. En als je bezig bent, blijf ook eens wat langer staan. 8 uur is nu toch geen uur om te gaan slapen.

Misschien is het nostalgie. Ik zwijmel voor nostalgie. Maar zoals ze in Cinema Paradiso al eens durven zeggen: don’t give in to nostalgia. Forget us all.
Dat dus niet. Of allez, een beetje dan. Ik herinner mij een vroege zomer in april: ik snuffelde aan mijn zomerjurkjes en lakte teennagels (elke nagel en niet enkel die drie zichtbare bij mijn sandalen). Ik wandelde en liep tussen varens die ik zag verbranden door de zon waar ik zo van genoot. Begin juni testte ik de opening van de horeca op terrasjes, van latenamiddag tot de lichten van de kerktoren aangingen tot we naar huis moesten. Ik ging ’s avonds naar zee, overdag naar zee, dacht aan de zee. Ik zwom in de Leie. Ik at duizend ijsjes en at een twintigtal kilo mosselen. Ofzo. Ik werd gefouilleerd op de luchthaven (les chaussures madame!) en ergerde mij aan de mens op het vliegtuig dus keek ik naar de wolken, want aan een wolk valt uiteraard niet te ergeren. Ik zwom in Franse meren en zeeën, dronk roséwijn waar ik nog steeds gedegouteerd van ben (door mij gekozen) en at stokbrood met kaas. Ik bewonderde mijn eigen bruin kleurtje, kreeg zonnecrèmemondmaskeracné, deed dingen die niet moesten (na een bepaald moment zou mijn telefoon niet meer mogen functioneren) en liet planten doodgaan. Ik las de mooiste boeken en zinnen. Genoot van de stilste uitzichten.

Het zal wel zomer geweest zijn hè. Dju. Alleen voelt dat gewoon eeeeecht niet zo en ik ben zéker een geprivilegieerde zaag, maar de tijd is toch nog nooit zo’n bizar concept geweest als nu? Elk jaar is er wel iemand die zegt: “jongens, dat het alweer september is” en dan denk ik: ja, gek hè, de zomer zit er op. Ik ween even want ik moet een broek aandoen en dat is een jaarlijkse garantie voor een breakdown, maar dan ga ik door met mijn leven. Nu heb ik beslist dat ik de hele maand september nog geen broek aantrek. Heel fijn met dertig graden, met het herfstweer begin deze maand was het net iets theatraler.

Een geprivilegieerde zaag (want twintig kilo mosselen en een vakantie) en tegelijk een kind dat geen nee aanvaardt. Issues.

Kom dus alstublieft niet in mijn buurt als je zo ene bent die al denkt aan kerstbomen. Fuck kerstbomen. Tegen Kerstmis dans ik nog steeds op Club Tropicana.