Hoera hoera hoera: DE LENTEKALENDER IS ER!

De lente is er bijna. En ik weet niet wat het is, maar moeder natuur gaat akkoord. Ik had verwacht dat ze rebels zou doen tegen een lentekalender, maar met 16 en zelfs 18 graden (toedeloe tijd voor een zomerkleedje) moeten we wel concluderen dat ze mijn kalender goed genoeg vindt.

We tellen in 4 weken (heel bevredigend van maandag tot zondag) af tot 21 maart, want dat is in mijn hoofd nog steeds de officiële lente. Mijn graphic skills zijn zoals altijd weer TOP natuurlijk, zoals die keer dat er een zeestick tussen de dolfijnen zwom, maar ik heb het voor elkaar gekregen dat hij te downloaden is. Denk ik. Hieronder. Geniet ervan. Print hem. Hang hem boven je bed. Scheur hem. Weet ik veel. Er ligt een vogel in een nest op een taart! HET IS BIJNA LENTE!

PS: wie het stuk van de vleermuis en nonkel Alain niet snapt, verwijs ik graag door: een scenario met kalkoen en vleermuis.

365 (of minder) vragen aan mezelf: deel twee

Dus, omdat ik mezelf heel interessant vind (ik heb niet voor niets een tag “ik vind mezelf ZO interessant dat ik mezelf interview hahahahaha”) doe ik mee met Irenes idee om per maand een aantal vragen te beantwoorden. Ik pluk die vragen van Pinterest of het internet of ik vind er uit (het is altijd iets vreemds bij mij) zodat ik de illusie kan creëren dat een tijdschrift mij interviewt omdat ik intussen al zo een beroemd auteur geworden ben dat elk weetje over mij interessant is.

11. Wat is je favoriete geluid?

Dat vind ik moeilijk, want ik heb het over het algemeen graag stil. Het kan niet stil genoeg zijn! Ik kan duizend vervelende geluiden opnoemen (zoals een trillende gsm op tafel jezus christ) maar als ik moet kiezen dan vogels die fluiten ’s morgens – zo mezen of trekvogels en dat je dan voelt “olie olé het wordt mooi weer vandaag!”

12. Iets waar je dringend mee moet stoppen

Aan mijn vellekes prutsen.

13. Iets waar je dringend mee moet starten

Met normale weekmenu’s maken of mijn avondeten alleszins beter plannen dan ik het nu doe. Ik moet ook echt weer meer lezen: het is verschrikkelijk, maar wel typisch voor deze periode van het jaar.

14. Wat zijn je droombestemmingen?

Ik reis wel graag hè maar ik heb precies niet echt van die droombestemmingen? Mensen vinden dat altijd heel raar van mij, maar ik ben dan ook een rare. Het probleem bij mij is altijd dat ik bijvoorbeeld wel heel graag wilde dieren wil zien maar dat ik tegelijkertijd ook denk: ja maar, ik ga echt niet elke dag vroeg opstaan. Ik ben op réis! Het belangrijkste doel van een reis is voor mij nog altijd ontspannen, en dat zal vermoedelijk het probleem zijn: mensen kiezen droombestemmingen uit omdat ze veel willen zien en veel willen beleven, en ik word daar op voorhand al moe en lastig van. Ik ben er met andere woorden gewoon wat te lui voor. Ik ben te lui om te reizen! Hahahahha!

15. Iets dat je niet begrijpt

Dat dieren mishandeld worden puur uit geldbejag (broodfok bijvoorbeeld), maar bijvoorbeeld ook dat mensen gewoon droog reageren als een dier omvergereden is of zo. ‘Ah ja het is maar een vogel’, ja maar het was een vogeltje!

16. Hoe ontspan je?

In de natuur of bij dieren. Ik zeg altijd dat mijn huis minder zou boeien dan mijn tuin en de omgeving waar het staat, omdat het belangrijker is dat het omgeven is door natuur. Ik doe het nu veel te weinig hoor, echt in ’t bos gaan, maar het zit hem ook in kleine dingen. Toen mijn trein eens een lange vertraging had in Brussel-Zuid zag ik een duif zitten voor mij en heb ik mij beziggehouden met die restjes van mijn belegd broodje te voeren. Ik had oogcontact met die duif (het zal weer eens niet hè), en als die duif haar kop draaide, deed ik het ook. Het rare is dan dat ik mij meestal te veel aantrek van wat anderen van mij denken maar dat het mij op zo’n momenten totaal niet kan schelen dat ik eruit zie als een debiel omdat ik een duif nadoe.

17. Ben je sportief?

Ik heb een motorische achterstand. Natuurlijk niet. Hahaha nee maar soms lijk ik motorisch wel een beetje, tja, niet helemaal snugger. Ik loop wel. Misschien moet ik ook wel nog eens zwemmen.

18. Wat staat er op je wishlist?

Dat is zo’n typische vraag bij ‘wat wil je voor je verjaardag?’ en dan piep ik ‘niets!’ omdat ik dan ineens niets meer weet. Ik moet dan altijd heel goed nadenken en dan komt het uiteindelijk: ik wil graag mijn tuintje deftiger inrichten met de ecocheques van mijn werk, en van die dinges, birkenstocks zodat ik mijn voeten misschien eens wat rechter zet deze zomer. Zeker ook een paar boeken, EN AHJA ZEER BELANGRIJK weet iemand alstublieft een goeie shampoo voor breekbaar haar (’t mijne valt nogal rap uit) en bij voorkeur van een merk dat niet op dieren test? Dank u zeer. En ook geen 30 euro de fles hè. Ik ben gierig.

19. Een gespreksonderwerp dat je laatst had?

Ik had het er nog over met een vriendin dat we allebei blij zijn dat we op dit moment niet op school moeten zitten en niet moeten opgroeien. Volledig los van corona: het ging vooral over social media. Ik denk dat wij – in ons geval – als twintigers daar sterker mee kunnen omgaan en dat die druk minder groot is. Nu ben je 14, kom je thuis en willen mensen videochatten, moet je Instagram checken op foto’s en ook op reels enal (jaja) en TikTokken dus er is daar gewoon een hele sociale wereld bijgekomen. Allejezus zeg bij mij waren dat 160 tekentjes nwly daag.

20. Is er iets dat mensen denken over jou dat niet helemaal klopt?

Ik vermoed dat veel mensen die mij niet helemaal kennen de indruk krijgen dat ik een heel rustige, lieve en brave ben. Allez dat er dus weinig pit in mij zit of zo omdat ik in het begin eerder verlegen of afwezig overkom. EN DAN LEZEN ZE TOEVALLIG MIJN BLOG. Hahaha. Het ding is dat ik inderdaad vrij rustig ben, maar als je mij kent (zoals bij veel mensen uiteraard) ik best een pittige en rare ben.

Het land der doods

De apocalyps is aangebroken, want bevroren en met ijzeladem blijven we in 2021 massaal binnen. Er wordt gehamsterd! Dat mag niet van de regering! Ik gooi toch stiekem drié pakken yoghurt in mijn winkelkar en ze staan niet eens in promo welnee, maar ik moet overleven. Ik neem ook chocola, en vijf komkommers, en dat allemaal voor in mijn doosje van een frigo. Van de zwetende supermarkt schuifel ik met mijn drie truien en dubbele sjaal en oorwarmer weer naar mijn auto.

Lieve mensen, ik hoop dat het allemaal wel wat gaat met jullie na zo’n intense verhuis naar SIBERIË???

Alstublieft zeg, wat is mij dat nu weeral. Alsof het allemaal nog niet genoeg is geweest met corona moeten vingers er nu ook nog eens afvriezen, moet wind ijzig waaien en warmt mijn appartement met moeite op. Ik kan mijn autostuur amper vasthouden, en dat is niet van de hitte. Het is van de kou! Hoezo is het MIN twaalf eigenlijk? En niet PLUS twaalf? Het is toch februari? Start de lente dan niet? Is het dan zo niet stillekesaan tijd voor dat eerste terraske met die winterjas in de zon maar toch bij een graad of 12, zeker, in de zon een gevoelstemperatuur van 16 graden? Gelukkig schijnt de zon. Het is heus niet allemaal kommer en kwel ten huize Kelly: ik heb vandaag mijn bureautje verhuisd en ik ben in de zon gaan zitten. Ik had bijna (maar echt niet) te warm met mijn wollen trui en wollen rok.

Wij hebben hier een grote plas water – voor de kenners van de streek de befaamde Kraenepoel – waar ook onze befaamde burgemeester woont. En allez, ge weet nooit dat hij meeleest: HALLO MENEER DE CREM! Heel schoon daar (niet bij de burgemeester – ik weet enkel hoe het er daar uitziet over de heg), kijk maar:

En in de winter jongens, hopen wij allemaal dat het daar vastvriest. Allez, ik hoop eigenlijk dat het vooral niet vastvriest want dat betekent dat het tja, vriest, maar als het dan toch moet vriezen, dan kan het maar beter dichtvriezen. Nu kan ik niet schaatsen want ik beschik niet over de vereiste motoriek en evenwicht daarvoor, maar ik kan wel een beetje stappen. Niet zo schitterend, want af en toe val ik over mijn voeten, maar wel degelijk. Ik kan mij verplaatsen zeg maar. Als de o zo Schoone Kraenepoel vastvriest, dan kan ik daar dus op wandelen! Dat is heel tof, want dan kan je naar de andere kant stappen, en daar wonen de rijke mensen en dat is normaal verboden terrein. Je snapt, een rebel als ik, die droomt daarvan.

Voor zo’n prachtig natuurschoon als de Kraenepoel (schone vogels daar, echt waar) zou ik mijn drie truien, dubbele sjaal, dikke jas en oorwarmer dus aandoen en de winterkou trotseren. Ik zou de rijke mensen met plezier ambeteren en gaarne in hun tuin koekeloeren!
Alleen mag het niet. WANT HET IS GODDOMME CORONA. Ik zou dat onnozel mondmasker aandoen (lekker warm die lookadem), in tijdsslotten gaan, maar tien minuten wandelen desnoods (want ’t is wel echt heel koud allez)!
Maar nee – blijft allemaal maar binnen in uw kot. Het is zo al lastig genoeg, toch?

Ik versta het wel hè. Maar ja. Misschien dat het dan toch wel lente kan worden? Alstublieft?
(Er is een lentekalender in de maak. 21 februari publiceer ik die zodat we één maand kunnen aftellen <3)

Photo by Brent Timmermans on Unsplash

januari ’21 (en ook nog een stuk december want die maand bestond ook nog)

Als ik in de zomer toevallig terugblader in mijn foto’s en ik zie daar de random datum van 18 januari bijstaan, dan denk ik altijd: iew! Wat verschrikkelijk! Hoe heb ik dat overleefd!

Ik weet dus ook niet hoe ik dat nu aan het doen ben. Het is koud en bar en ik ontdekte dat er maar drie seizoenen van This is us op Amazon prime staan.

Ik ga nog even terug naar december, want die maand had ik overgeslaan in mijn overzichten. Ja veel spannends valt daar niet in te vertellen – net zoals elk jaar haatte ik kerst maar ik stuurde dit jaar wel opnieuw zelfgemaakte kerstkaartjes. Mensen vinden ze klaarblijkelijk nogal mooi terwijl ik gewoon wat klungel, dus ik denk er volgend jaar een goed doel aan te koppelen. Zo zo toch nog wat goedheid in mij! Kerstavond vierde ik met raclette en oudejaar met oesters. Verder ging ik in december ook nog naar de Real Bodies-tentoonstelling, dat echt wel de moeite was maar waarbij ik helaas vooral onthoud dat we meer dan een uur in de kou buiten moesten aanschuiven.

Verder had ik de afgelopen maanden ook maar liefst twee testen voor mijn werk. Kort gezegd: de eerste test moest uitmaken of ik mijn werk kon houden of niet. Los van positieve evaluaties moest er dus ook nog een ‘objectieve’ test zijn: het is de overheid, daar kunnen ze nooit eens normaal doen. Dat bleek ook uit het feit dat mijn test bestond uit: ga op interview voor technisch controleur bij de FOD Economie en als ze je willen aannemen mag je bij ons ook blijven. HAHAHAHA ikke technisch controleur, doe eens allemaal normaal. Ik heb speciaal geen hakken aangedaan voor mijn interview en wel stoere botten, maar die mensen keken naar mij alsof er een pinguïn kwam binnenwaaien. En ik had nog zo mijn opzoekwerk gedaan over het ijken van weegschalen! Ik kwam buiten en ik dacht dat ik ging wenen (ik heb mij in de plaats eten gekocht), trunte wat bij mijn teamverantwoordelijke maar een week later bleek dat ik geslaagd was met 51/100! (ik denk dat ze medelijden hadden, maar ik vond het hi-la-risch. Ik onderteken mijn mails tegenwoordig BIJNA met Kelly De Muyt, technisch controleur).

Enfin ik mag mijn werk dus houden. Maar het is nog niet gedaan! Welnee! Ik moet ook echt nog een officiële saaie ambtenaar worden, want nu ben ik nog maar een gewone werkmens daar – die tellen niet. Nog een test dus. Die deed ik afgelopen vrijdag. Het was zo’n computergestuurde test waarbij ik onder andere abstract moest redeneren (daar begint het al) en waarbij je de volgende figuur in de reeks moet raden. Ja, raden, want weet ik veel. Het was dan nog eens op tijd en met GIS-correctie dus ik vulde er maar 8/20 in. Men kan concluderen dat ik niet abstract kan redeneren.

vraagteken ja ik weet het ook niet

Daarnaast ging ik met vriendin Charline dus ook een wandeling doen, want dat doet iedereen. Konden wij dus ook! Dachten we. We gingen na de sneeuwval in Vlaanderen: je weet wel, de zaterdag had het gesneeuwd en toen had het geregend en was het ineens 10 graden warmer en was alles gesmolten. We namen een wandelroute en na 5 minuten begon het: modder. We ontweken de modder, kunnen we! Toen liepen we verloren. Ik zei dat ze ons so-wie-so met de helikopter zouden moeten komen zoeken. Mijn vriendin moest plassen en er waren niet eens bomen in de buurt (schandelijk). ‘Huh, we moeten bordje 35 hebben! Hier staat alles behalve bordje 35!’ Gezien we beiden dachten dat het 100% zeker naar rechts was liepen we naar links. Statistisch gezien lopen we altijd verkeerd dus we gingen onzelf als het ware voor zijn! Toen kwamen we voor de tweede keer een boer met rare tanden tegen want we wandelden toch maar weer terug (niets aan de hand hoor) en toonde die mens ons zomaar de weg. Bleek dat we in het laagste deel van de streek wandelden, daarom dat het zo modderig lag! Bij de weg die hij wees zou de modder wel verdwijnen.

NIETS VAN DAT! Ik weet dus niet hoe ik beeldmateriaal moet uploaden maar laat ons het erop houden dat ik met mijn voeten aan de ene kant van het pad stond en me aan de andere kant met mijn handen recht probeerde te houden aan een hekken. Er was dan ook een modderpoel van anderhalve meter diep te ontwijken (ha ja). Mijn witte jas werd uiteraard vuil. Ik haalde mijn hand open aan een prikkeldraad. Maar: en dat is het meest verrassende deel uiteraard: geen van ons viel en er kwamen geen helikopters aan de pas! Het was wel al donker als we terug aan de auto waren. We besloten dat dit enkel kon afgesloten worden met frietjes.

Ennn verder kwam na ruim twee weken eindeloos ongeduld mijn gezichtsverzorging van The Ordinary toe. Ik ben er nog niet helemaal aan uit of ik het ook zo fantastisch vind als iedereen: ik gebruik het nu een goeie week. Met Jane ook alles goed, die haalde mijn andere hand ook meteen open na de wandeling. Topkat! Gelukkig soms ook écht wel.

Hoe was jullie januarimaand (wat een woord)?

365 vragen aan mezelf (hahaha)

Dus, omdat ik mezelf heel interessant vind (ik heb niet voor niets een tag “ik vind mezelf ZO interessant dat ik mezelf interview hahahahaha”) doe ik mee met Irenes idee om per maand een aantal vragen te beantwoorden. Ik pluk die vragen van Pinterest of het internet of ik vind er uit (het is altijd iets vreemds bij mij) zodat ik de illusie kan creëren dat een tijdschrift mij interviewt omdat ik intussen al zo een beroemd auteur geworden ben dat elk weetje over mij interessant is.

Het zullen geen 365 vragen zijn want zoveel structuur en nadenken per maand kan ik niet aan (stel je voor: evenveel vragen als dagen in de maand. Ongehoord!)

  1. Gebruik je een digitale of papieren agenda?

Ik gebruik geen agenda. Alles zit in mijn hoofd. Je zou je kunnen afvragen of het daarom is dat ik zo chaotisch ben. Het antwoord is ja.

2. Een grappig feitje over jezelf.

Dat is zo’n vraag die je tegenkomt in van die voorstelrondes in nieuwe groepen. Mijn geheugen gaat dan automatisch blanco en ik word dan de minst interessante persoon op de planeet. ‘Hallo ik ben Kelly en ja haha ik besta dat is het zo wel voor vandaag en mijn hele leven’
Wat IS dat nu eigenlijk, een grappig feitje over jezelf? Kan iemand mij dat eens klaar en duidelijk uitleggen? In het verleden heb ik dat opgelost door verhalen compleet te verzinnen nadat ik feitjes over anderen gehoord had.

3. Drink je je koffie met suiker?

Altijd zwart en zonder suiker hè aub.

4. Wat zou je doen als je 50 euro op de grond vond?

Dat is dus weer zo’n rare vraag die ik op Pinterest vond. Moet ik daar vredelievend op antwoorden en zeggen dat ik ermee zou zwaaien: joeeehoeee iemand 50 ballen verloren?
’t Zal wel. Onlangs vond ik 5 euro op de parking van de Delhaize toen ik uit mijn auto stapte en uit puur enthousiasme (er overkomt mij ook eens iets goed ze zeg) riep ik: OH MY GOD VIJF EURO. Ik keek toen wat in schaamte rond en heb het in mijn zak gestoken. Er mag nog zoveel corona opplakken als het wil.

5. Geloof je in astrologie?

Nee. Verrassing maar ik word altijd een beetje misselijk van alles wat paars ziet en waar een mysterieuze maan op staat. Ik heb ook even iets opgezocht uit research en NU JA leedvermaak en ik las dat men in 2021 erg gebaat kan zijn bij een sapkuur “of iets dergelijks”. Dus het mag ook een tv-kuur zijn?

6. Liever een bad of een douche?

Vijf uur in bad. Dat zou genormaliseerd moeten worden. Extra punt dus voor mijn eigenste regering: u krijgt allemaal elke maand een coupon waarbij u vijf uur moogt gaan baden, in de zomer dan buiten in de brubbels. Als u ’t niet moet hebben, geef maar aan mij, ik ga dan wel elke week. Regeringen leiden is vermoeiend, weet u.

7. Ben je een rusteloze slaper?

Nee. Ik ben een vrij goede slaper: bijna verwonderlijk eigenlijk maar ik heb altijd redelijk goed geslapen. De dag mocht nog op zijn kop gaan staan: ik sliep. Vrij licht en vrij hevig, maar slapend. O, straks mag ik het weer doen!

8. Wat is je favoriete kwaliteit van jezelf?

Mijn mogelijkheid om kracht te zoeken en halen in mezelf – iets zeer raars maar toch zeer bijzonder, vind ik.

9. Hoe hoop je dat mensen zich voelen in je gezelschap?

Ik ga mij geen illusies maken en zeggen dat ik hoop ze zich omarmd met liefde zouden voelen want als een mens mij aanspreekt dan heb ik nogal de neiging om te denken ‘wat moet gij van mij hebben een been of wat’. Maar enfin dat gaat snel over en ik ben verder wel een heel vriendelijke, dus ik hoop dat mensen zich gewoon op hun gemak voelen. Bij al dat onvolwassen leven van mij, bij mijn ongewassen ramen en ongewassen zonnebrilglazen en ook wel al eens een ongewassen trui.

10. Hoeveel dagen is het nog tot de lente, Kelly?

NOG 52!!!!

Zeg beantwoorden jullie ook vragen?

Ik heb ruzie met die madam van Fluvius

Jongens jongens jongens, ik had weer wat voor deze week. Ik trippel alweer om het te vertellen! Nee maar, het was een gewone werkdag en mijn werkdag werd verstoord door iets. Het moge een wonder heten dat ik er een beetje deftig uitzag: ik had een jogging aan maar ik had OOK een bh en een trui aan toen mijn bel ging. Mijn pakketjes komen inmiddels weer aan de lopende band toe – dan stel ik me voor dat er echt een lopende band is, zo’n rolband van op de luchthaven, piep piep kapperschaar van bol.com, piep piep katteneten en dan rolt dat van die band, recht in de armen van die lieve pakjesbezorgers! Ik dacht dat het één van die dingen ging zijn en spurt naar mijn deurbeltelefoon (want stel je voor dat ze alweer weg rijden!!) en hoor: ‘Fluvius. Kan u mij binnenlaten?’

‘Fluvius!’, denk ik. ‘Wie is dat nu weer!’ En van binnenlaten krijg ik stress, want niemand komt mijn appartement binnen zonder schriftelijke toestemming. Samengevat schiet ik in een stressreactie van jewelste en denk ik die vrouw daar beneden te gaan villen want zij stoort mij onverwachts en dat doet niemand ongevraagd.

Ik doe de deur open en kijk vragend.
Nog voor ik mijn mond kan opendoen zegt een fors mens met rood haar: ‘Ik ben van Fluvius en ik kom uw meterstand opnemen.’
Fluvius, denk ik. Verdorie toch. Van waar ken ik die ook alweer. ‘Ik ben niet bij u aangesloten’, antwoord ik. ‘En ik heb vorig jaar mijn meterstanden zelf doorgegeven, dus ik zal dat nu ook wel doen.’
Mevrouw wordt ongeduldig en zegt: ‘natuurlijk niet juffrouw, wij zijn een netbeheerder. U moét mij binnenlaten!’
MOETEN? Ik moet juist niets. Van moeten en binnenlaten in één zin krijg ik nog meer stress en dan kan ik nog minder helder denken dan in normale omstandigheden, en dat is om het zo te zeggen, al aan de lage kant. Ik vertrouw haar nu al helemaal niet meer en ik ben ervan overtuigd dat ze mij komt oplichten. Ik kijk nog eens naar haar petje waar Fluvius opstaat maar ben zeker: ze zal mij iets aansmeren van zodra ze één stap binnenzet.
‘Nee. Ik geef het zelf wel door’, herhaal ik en als ik de deur wil sluiten roept ze nog: ‘het is dan uw schuld als er brandschade is! Ik zal doorgeven dat je mij de toegang geweigerd hebt!’ en net voor ik de deur volledig sluit roep ik vrolijk terug: ‘dat mag!’

Ik stamp terug naar boven en zeg al tegen mijn kat: ‘hebt ge dat nu alweer geweten, weeral oplichters aan mijn deur!’. Ik refereer met ‘weeral’ naar ergens in 2019 toen er twee mannen van één of andere vage energieleverancier (zeker Luminus! Al die -ussen zijn niet goed) aan diezelfde deur stonden en perse mijn energieplan wilden bespreken. Anyway ik google Fluvius en ik lees ‘netbeheerder’ en ik denk: ‘ah shit, dat zijn die van de zonnepanelen van mama. Dat is waar! Die mevrouw was een echte.’ Mijn stressrespons ebt weg en mijn helder denken herbegint.
Fuck. Ahja. Ik had een echte medewerker voor de meterstanden weggestuurd en dan niet alleen die van mij, maar ze kwam ook de meterstanden van de andere bewoners opnemen. Blijkbaar komen die dat om de twee jaar doen. Ik ventileer bij een vriendin en zij wéét dat: ik ben dus weer de kakapo die van niets weet.

Trust Rule GIF - Find & Share on GIPHY

En hoe los ik dat op? Mijn favoriete coping is KLACHTENBRIEVEN versturen! Dat lucht op jongens, heerlijk. Dan ben ik kwaad (maar nog steeds beleefd en met cynische humor hahaha grappig kind toch hè ik dat wil ik dan ook nog steeds tonen) in naam van iedereen die niet op voorhand weet dat Fluvius langskomt en denkt dat het oplichters kunnen zijn.

Op mijn klachtenbrief komt niet binnen de twee uur antwoord. Dat is een catastrofe! Zoals jullie de mevrouw met de rode haar ook hoorden vertellen, zou ik verantwoordelijk zijn voor brandschade. Nu moet je weten dat ik nogal gevoelig ben voor rampdenken en dat het kleinste geluid betekent dat ik sterf. Of dat mijn kat sterft: als mijn kat ’s nachts iets omver gooit, dan weet ik dat ze iets van tafel gooide, maar dan is het tegelijk zo dat ze inmiddels ongelukkig overleden is of tenminste dringend mijn hulp nodig heeft en uit elkaar aan het vallen is. De staart aan het raam geplakt en een oor in de keuken.
Bij de brandschade ging het dus ook zo: omdat mevrouw mijn meterstand niet kwam opmeten gingen de meters dus exact die nacht ontploffen, ging het huis branden en ging iedereen het wel redden maar zou het huis niet meer verzekerd zijn en zou dat betekenen dat ik dus door mijn idioterie voor de rest van mijn leven gigantische schulden zou moeten betalen. (Dat lijkt er misschien onnozel uit te zien maar lees mijn blogs en het is allemaal nog zo raar niet. Ik heb niet eens een familiale verzekering, mijn bankdirecteur vindt mij ook heel dom).

Dat moest dan ook nog eens opgelost worden, want anders ging ik, nu ja, dood. Ik belde naar Fluvius en het moet gezegd zijn: ik verafschuw bellen. Ik haat het! Ik oefen dat in op voorhand, schrijf dat op, zodat ik zeker niet kan vertellen dat ik pakweg Jane Kruid heet ofzo. Nee maar, je weet nooit, als die medewerker opneemt schiet ik altijd in zo’n kramp dat ik beter voorbereid ben. Heb ik nooit op mijn werk, gek hè, dan zing ik in mijn hoofd terwijl ik bel. Een vriendelijke man neemt op en als ik vertel dat ik zijn collega weggestuurd heb, zegt hij: ‘kan gebeuren!’ en ik doe een half samenhangend verhaal over brandschade uit de doeken. Waarop meneer zegt (een hele lieve mens, nogmaals, heeft mijn leven gered, ik zou moeten meedoen aan zo’n programma’s): ‘o nee, brandschade kan niet gezien worden met een meteropname. Dat is niet waar. Geen zorgen!’ Ik kan zelfs mijn meterstand telefonisch (niet online, dat heb ik gevraagd) doorgeven! Mevrouw hoeft dus niet meer langs te komen! Halleluja hoezee hallo!

De meneer (ik heb zijn naam vergeten vragen, zeer jammer) gaf mij ook door dat mevrouw niet had doorgegeven dat ik niet had willen meewerken maar mij op afwezig had gezet, dus ik wist dat ik haar nog eens mocht verwachten. Nu heb ik een straatzicht vanaf mijn raam aan mijn bureautje en mijn oog detecteert gevaar ONMIDDELLIJK, en wie zag ik vandaag trippelen? EWELJA! Ze was in een zeer geanimeerd telefoongesprek en ik vroeg mij een beetje af of mevrouw toevallig in gesprek was over mijn klachtenbrief. Ze heeft nooit aangebeld. Ik vind het zeer grappig en zeer dramatisch. Fantastisch allemaal!

Ik ga straks mijn meterstanden noteren. Ik hoop van harte dat ik ze een beetje vind, die meters. Vorig jaar had ik problemen met het verschil tussen de gasmeter en die van het water. Ah ja.